Het geheim van Intel Turbo Boost
Slimme versneller of handige oplossing?
29 september 2009 | Merijn Gelens
Intel promoot de nieuwe Turbo Boost in de Core I7 Mobile-processors als een onderdeel waarmee de prestaties van de processor aan de eisen van de software worden aangepast. Maar dat is niet het werkelijke bestaansrecht van deze technologie.
De nieuwe 'Clarksfield' Core I7 Mobile-processors die vorige week op het Intel Developer Forum zijn geïntroduceerd, zijn zeer indrukwekkend. We hebben hier te maken met goed presterende quadcorechips met hyper-threading die ondersteuning bieden voor twee kanalen DDR3-1333 DRAM, en een geïntegreerde PCI Express-controller die de snelst mogelijk verbinding garandeert voor geïntegreerde grafische chips.
Intels vicepresident Mooly Eden zegt dat de beste processor in deze reeks, de Core I7-920XM Extreme Edition, de "snelste quadcore-, dualcore- en singlecoreprocessor" op één chip is.
Kloksnelheid verhoogd
De onderbouwing voor deze wat bombastische claim is de Turbo Boost-technologie. Kort gesteld werkt dit als volgt: als de huidige softwarewerklast de vier chipkernen niet tot het maximum van de thermal design power (TDP) van de chip belast, dan verhoogt Turbo Boost de kloksnelheid van individuele kernen om zo hogere prestaties te krijgen.
Als er maar één of twee kernen actief in gebruik zijn, wordt het vermogen dat de andere twee of drie kernen zouden gebruiken omgeleid naar de actieve kernen, zodat deze op hogere snelheden kunnen draaien.
De quadcoremodus van Turbo Boost is iets subtieler. Als alle vier de kernen in gebruik zijn maar niet maximaal belast worden, dan wordt de TDP-limiet niet bereikt. Turbo Boost verhoogt dan de kloksnelheid van de vier kernen tot ze allemaal zo snel lopen als de TDP ondersteunt.
Eden zegt dat de Turbo Boost-controller het huidige stroomverbruik en de chiptemperatuur tweehonderd keer per seconde controleert. Als Windows niet om meer prestaties vraagt, dan levert Turbo Boost natuurlijk ook niets extra.