Apple-topman Steve Jobs heeft uitleg gegeven bij een grote verandering aan de voorwaarden om voor de iPhone te ontwikkelen. Hij is boos op één bedrijf.
In april van dit jaar heeft Apple opeens de regels voor analysesoftware voor iPhone- en iPad-toepassingen strenger gemaakt. Die software wordt verpakt in apps en verzamelt gegevens over de toestellen waarop de apps draaien.
In een interview met All Things Digital heeft Jobs de beweegredenen achter de verandering uitgelegd. De beslissing was een rechtstreeks gevolg van de acties van één bedrijf, het Amerikaanse Flurry Analytics. Hun analysesoftware had gegevens van prototypes verzameld. En daar is Jobs heel boos om geworden.
“Op een dag lezen we in de krant dat een bedrijf genaamd Flurry een nieuwe iPhone en een nieuwe tablet heeft gedetecteerd op onze campus”, verklaart Steve Jobs. “En we dachten: what the hell?”
Het bestaan van Apple-tablets was dus uitgelekt door een extern bedrijf dat een verhoogde activiteit van de tablets had vastgesteld. Op een gegeven moment in januari waren er vijftig toestellen die de karakteristieken van een tablet hadden, zo merkte Flurry.
Jobs verliest kalmte
Tijdens het hele interview is Steve Jobs de flegmatische persoonlijkheid die iedereen kent van zijn grote presentaties. Wanneer het over Flurry gaat, windt hij zich zichtbaar op. Zijn toon en lichaamstaal tonen aan dat de boosheid op Flurry nog niet voorbij is.
“Ze lieten ontwikkelaars hun software verwerken in hun toepassingen. Die stuurt dan informatie over het toestel en de geografische locatie en andere info naar Flurry. Geen klant heeft dat ooit van ons gevraagd. Het overtreedt elke privacyregel in ons ontwikkelaarsbeleid. Het joeg ons in de gordijnen”, zegt Jobs.
“Toen zeiden we: ‘neen, dit laten we niet toe.’ Dit gaat in tegen ons privacybeleid en het maakt ons pisnijdig. Dat ze gegevens over onze nieuwe producten publiceren”, aldus Jobs.